Ook als een meldkamer niet beschikbaar is, moet hulp altijd bereikbaar blijven. Daarom oefende de meldkamer in Drachten op 29 september met het tijdelijk overnemen van de meldkamerprocessen door de collega’s in Apeldoorn.
Hulp moet altijd bereikbaar zijn
Stel je voor: je belt 112 omdat je dringend hulp nodig hebt. Dan wil je natuurlijk dat er zo snel mogelijk iemand opneemt en hulp voor je regelt. Het maakt je niet uit of die centralist in Drachten, Apeldoorn of ergens anders zit. Je wilt geholpen worden.
Hetzelfde geldt voor collega’s op straat. Zij moeten erop kunnen vertrouwen dat ze altijd contact kunnen krijgen met de meldkamer, ook als er op de eigen locatie iets gebeurt waardoor daar niet meer gewerkt kan worden. Om dat te kunnen garanderen, moeten meldkamers niet alleen goede plannen hebben, maar ook regelmatig oefenen met het uitvoeren daarvan.
Van Drachten naar Apeldoorn
Op 29 september reisden tijdens de vroege dienst een aantal politiecentralisten van Noord-Nederland naar Apeldoorn om daar de werkzaamheden over te nemen voor een uitwijktest. Na verschillende controles werden alle 112-telefoontjes die normaal in Drachten binnenkomen, omgeleid naar de meldkamer in Apeldoorn. Die collega’s behandelden hun eigen meldingen, terwijl de collega’s uit Drachten de 112-telefonie voor beide regio’s verwerkten. Na ongeveer een uur werden de processen gecontroleerd teruggeleid naar Drachten. Daarmee was de oefening succesvol afgerond.
Samen zorgen dat hulp bereikbaar blijft
De oefening is onderdeel van het continuïteitsmanagement: zorgen dat de meldkamer haar werk kan blijven doen als de eigen locatie door een storing, brand of een andere ernstige verstoring niet meer beschikbaar is. In zo’n situatie moeten de werkzaamheden snel naar een andere meldkamer kunnen worden overgedragen. Voor de meldkamers geldt daarmee hetzelfde als voor collega’s op straat: oefenen helpt om voorbereid te zijn wanneer het er echt op aankomt.